maandag 26 oktober 2009

Weerzien met Libanon 2009

Dag 9. Het onvermijdelijke einde
Aan al het goede komt een einde, zo ook aan deze reis. Tijdens de anderhalf uur durende reis van Tyre naar het vliegveld passeert alles nog eens de revue. De kameraadschap, de troostende schouderklop en de gedeelde smart; het waren de ingrediënten die deze trip tot een onvergetelijke hebben gemaakt. Tijdens de reis komt het weer boven, opgeluisterd door wat passende smartlappen over het heroïsche verblijf in Libanon.

Als de bus dan voor het stationsgebouw stopt, wordt het voor sommigen te veel. Een traan wordt weggepinkt. Wederom nemen we afscheid van ons tweede vaderland, en ik het weet zeker: mijn vrouw en kinderen begrijpen nu wat het betekent hier wortels te hebben. Libanon heeft bij ons allen een onuitwisbare indruk achtergelaten.

Tijdens deze reis zijn velen in staat geweest de ervaringen van weleer een plaats te geven, soms alleen, soms in hun relatie, voor mij persoonlijk zelfs in mijn gezin. Het staat voor velen vast dat dit niet de laatste keer was dat we Libanon aangedaan hebben; als je eenmaal een band met dit land heb laat het je nooit meer los. De hartelijke momenten van de afgelopen week, de vriendelijke mensen, het mooie landschap en ja zelfs de puinhoop langs de weg, allemaal spelen ze een rol in de ervaringen die we met elkaar delen.

Eigenlijk past aan het einde van de reis maar één hymne: “We meet again” van Vera Lynn. Helaas, Chris heeft deze niet op zijn PC staan, een opdracht voor de volgende keer. We doen het dan met “Hoog in de lucht” van Dominique Vos. De titelsong van de film “Groetjes uit Libanon” die we deze week als rode draad door onze gedachten hebben laten gaan. We blijven er in geloven.

Ik laat het hierbij want woorden kom ik nu te kort. Chris en Mohammed, jullie hebben ons iets bijzonders gegeven en dat willen we laten weten aan iedereen die het wil horen of lezen. Bedankt en tot de volgende keer.

zondag 25 oktober 2009

Weerzien met Libanon 2009

Dag 8, iedereen gaat zijn eigen weg
De laatste dag van de reis heeft geen specifieke invulling, ieder gaat zijn eigen weg. Als we elkaar ’s morgens om negen uur ontmoeten duiken in het hotel ook al diverse locals op. Ze zijn ingehuurd om als taxichauffeur met reisgenoten door de regio te trekken. Dat wordt straks weer sterke verhalen.

Zelf ga ik met een groepje naar het Hiram-hospitaal in Tyre. Het is de bedoeling dat de Stichting “Weerzien met Libanon” onder andere dit ziekenhuis via overtollig mob-materiaal een opfrisbeurt geeft. Tijdens het bezoek blijkt als snel dat er nog veel ruimte voor verbetering is: er staan veel kamers, ja zelfs een etage, leeg door gebrek aan materiaal. Na een rondgang van zo’n twee uur verlaten we het hospitaal. We hebben een opdracht!




Het Hiram-hospitaal gaat gesteund worden via de Stichting “Weerzien met Libanon”

Twee dames, Heleen Gulmans en Janita van Dijk, weten hun volgende bestemming al. Dichtbij het ziekenhuis is een winkeltje met UNIFIL-souvenirs, daar gaat gescoord worden! Zelf ga ik met mijn kinderen terug naar het hotel, want we worden opgehaald door Ali Zabad om terug te gaan naar mijn dorp: Al Mansuri. Helaas, mijn vrouw blijft ziek achter.
Het loopt tegen zeven uur in de avond als iedereen terug in het hotel is van zijn omzwervingen. Heleen en Janita giebelen wat, dat ruikt naar onraad! Wat blijkt, de souvenirwinkel was het toch niet. Ze wilde beter materiaal en hebben zich gerealiseerd dat in Naqoura ook een winkel was. Al ze in Tyre niet vinden wat ze zoeken klampen ze Chinezen van Chinbat aan, om met ze mee kunnen liften naar Naqoura. Uiteraard kan dat niet, want militair transport is niet bestemd voor burgers. Even later blijkt Pools UNIFIL-personeel in burger toch wel voor de charmes te vallen en lukt het beide dames om ongeschonden en ongecontroleerd via een UNIFIL-voertuig door de checkpoints te komen en op te duiken in Naqoura. Zelfs een uitnodiging om het hoofdkwartier te bezoeken wordt van de Poolse vrienden ontvangen. De weg terug is uiteindelijk via een taxi geregeld en pas in het hotel valt het kwartje: dit was toch echt tegen alle protocollen en niet echt slim. Maar een avontuur was het wel!


Shariff, een bekende locatie voor vele Libanongangers

Ook de anderen komen voldaan terug, het weerzien met de omgeving heeft iedereen goed gedaan en er is volop contact geweest met de locals. Sterke verhalen en emoties voeren de boventoon. De komende weken zal er nog veel verwerkt moeten worden.
De dag wordt afgesloten met een gezellig samenzijn elders in Tyre. De Libanese avond wordt opgeluisterd met muziek die het stille Tyre in een keer een wat toeristischer aanzien geeft. Het zit er nu echt op. Inpakken klaarmaken voor de reis van morgen.

Weerzien met Libanon 2009

Dag 7, op naar Baalbeck
De zevende dag van de reis is tevens de laatste met een georganiseerd karakter. Al vroeg in de morgen staan we klaar om met de bus een megatocht te maken. Hoewel de afstand tussen Tyre en Baalbeck slechts 175 km is, heb je er met de bus toch al snel zo’n 3,5 uur voor nodig. Tot net voorbij Sidon volgen we de kustweg, om vervolgens rechtsaf te buigen, het Schouf-gebergte in. Het uitzicht is bijzonder en je waant je in een nieuwe wereld. Na een urenlange tocht over de smalle bergweggetjes en een korte stop om de inwendige mens weer op orde te brengen, doemt het wijnlandgoed Ksara op. Gesticht door de Jezuïten die van het goede leven hielden, is het nu uitgegroeid tot een wijngoed dat jaarlijks 2,5 miljoen flessen witte, rode en rosé wijnen produceert. Na een uitleg over het wijnproductieproces, volgt een rondgang door de Romeinse grotten die men ruim honderd jaar geleden onder het landgoed heeft ontdekt. Ze worden nu gebruikt voor de opslag van de rustende wijnvaten.


De ceders van Libanon, ze zijn er nog steeds

Het een slokje op, vervolgen we onze weg en bereiken we rond de klok van enen onze eindbestemming: het tempelcomplex van Baalbeck. Al snel wordt duidelijk waarom dit complex op de werelderfgoed lijst staat. Nergens in de wereld is nog zo’n compleet (deels Romeins) tempelcomplex met tempels ter ere van Jupiter, Venus en Bacchus te vinden. De rondgang over het terrein laat je dan ook van de ene in de andere verbazing vallen.

De tempels op het complex in Baalbeck

En dan brult er een: “AK-47-vuur op 12 uur, waarschijnlijk één gewapend element”. Het is vrijdag, een dag om te trouwen. En dat vier je hier door een magazijn in de lucht leeg te schieten. Voor velen een bekend geluid, we schrikken er dan ook niet meer van. Ook de familie blijft er rustig onder.
Na het bezoek, een snelle en lekkere Libanese lunch met forel, en dan de lange tocht terug. Onderweg zien we ze dan toch nog: herders met kudden geiten in de bergen. Een fenomeen dat in “onze” tijd algemeen was, maar nu toch bijna uitgestorven is. Via het hart van Beiroet over de kustweg bereiken we om zeven uur moe ons hotel. Geen einde van de dag, nee we gaan gewoon weer verder. De plannen voor morgen, als iedereen zijn eigen weg gaat, worden nog even doorgesproken en we krijgen een halfuurtje voor een opfrisbeurt. Vanavond heeft het management van het Hiram-ziekenhuis ons uitgenodigd voor een ontvangst in de woning van de directeur. Ook nu weer talloze lokale lekkernijen aangevuld met Arak, wijn en andere alcoholische producten. Als we om elf uur ’s avonds de weg naar het hotel weer vinden zijn de ogen klein.


Groepsfoto bij de woning van onze gastheer, met een deel van de ziekenhuisstaf

donderdag 22 oktober 2009

Weerzien met Libanon 2009

Dag 6, de toerist uithangen
Dag 6 wordt de eerste dag dat we niet naar het zuiden afzakken maar juist een noordelijke richting kiezen. Via de kustweg laten we Tyre en later Sidon achter ons om uiteindelijk te belanden in het Parijs van het Midden Oosten: Beiroet. Vergeleken met dertig jaar geleden is het een andere stad geworden. Het centrum heeft een prachtige uitstraling, mede door de grote ijver waarmee Rafik Harriri de renovatie ter hand genomen heeft. In één woord: ongelooflijk hoe mooi en ook hoe extreem het contrast met het zuiden. Alsof je in 75 km een complete generatie van ontwikkeling overbrugt. De omzwervingen door Beiroet brengen ons ook langs het praalgraf van Harriri, die in februari 2005 vermoord werd. Ook nu herinneren beschadigde gebouwen nog aan dit gewelddadige incident.



Het praalgraf van Rafik Harriri in Beiroet

Na Beiroet staat Sidon, de derde stad van Libanon, op de agenda. Een bezoek aan de Souk brengt ons weer terug in middeleeuwse taferelen met handelaren die van alles en nog wat aanbieden. Een betoverend geheel bestaande uit massa’s mensen, volgepropte kleine winkeltjes en een bijzondere geur.

De stad Beiroet doet zijn naam als het Parijs van het Midden Oosten eer aan


De Souk in Sidon brengt je bijna terug in de Middeleeuwen


Helaas: door de uitgelopen agenda halen we een bezoek aan het kruisvaarderkasteel niet meer. De poorten sluiten voor onze ogen. Dan maar de terugreis aanvaarden. Met tassen vol souvenirs bereiken we onze thuisbasis. Gauw even naar de geldautomaat om de geslonken financiële reserves aan te vullen en dan een brul uit de bar: "Hans, Ali zoekt je". Ali Zabad, beter bekend als Ali Bombarie, heeft bij toeval via het Turkse bataljon gehoord dat er Nederlandse veteranen in Tyre zijn. Direct na het werk is hij op zoek gegaan, en wat blijkt: oude bekende ontmoeten elkaar op dit onverwachte moment. Henk Pastorius, net als ik een voormalige bewoner van 7-17, haalt zijn fotoboek erbij en de sterke verhalen komen bovendrijven. Ali belt direct de mouktar met het verzoek op zoek te gaan naar foto’s van de Nederlanders die in Al Mansouri gediend hebben. Morgen komt hij terug, en ja, de vrije zaterdagmiddag heeft hij al geclaimd. Wordt vervolgd.

Weerzien met Libanon 2009

Dag 5, weerzien met oude bekenden

De dag begint al weer vroeg en voert ons als eerste naar Qana. Je zou het haast vergeten, maar dit door oorlog geteisterde gebied heeft ook een Bijbelse oorsprong. We bezoeken de grot waar, volgens de overleving, Jezus de nacht doorbracht voordat hij op de bruiloft wonderen verrichtte.

Qana, de grot waar Jezus overnacht zou hebben.

Vanuit Qana vervolgen we de weg naar Yatar. Helaas is van de voormalige post niets meer over, wat gebleven is, is het mooie uitzicht. Veel foto’s werden geschoten terwijl we halsbrekende toeren uithaalden op de rotspunten boven de Wadi. Na een kort theebezoek werd de weg richting Kafra voortgezet. Een verlangen om de waterplaats nabij dit dorp te bezoeken werd gehonoreerd. Het vertonen van de foto was voldoende om een gammele Mercedes in te zetten als taxi voor 7 personen. Door de vloer was de weg te zien en de deur moest handmatig dichtgehouden worden. Terwijl een deel van de groep met de Mercedes onderweg is, verschijnt er ineens een man met ezel op straat. Al snel wordt deze vorm van "openbaar vervoer" door tal van reisgenoten uitgeprobeerd. De koppigheid kwam tot explosie toen de berijder in het stof verdween en de ezel snel een spurt naar huis ondernam.

Na de lunch was het doorreizen naar het Weeshuis in Tibnin. Op dit moment wonen nog 64 meisjes in het weeshuis. Hoewel meerdere groepen het weeshuis geadopteerd hebben, staat de Nederlandse inbreng nog steeds centraal.

Het Weeshuis in Tibnin.

Na het bliksembezoek van een uurtje doemt Harris op. Vele harten gaan sneller slaan als we de woning van Leila passeren. Onder in het dorp voor het gemeenschapshuis en de veteranen waaien uit over de plaats. Ieder heeft zijn eigen plannen en als we ons later bij de bus verzamelen blijken de tassen gevuld te zijn moet goedkope Zippo’s, UNIFIL-souvenirs en waterpijpen. "Alles kits achter de rits" klinkt het dan. Speedy duikt op, weerzien met Libanon was ook weer weerzien met een oude bekende. Nog snel een groepsfoto van de deelnemers met Speedy en inpakken. Om vijf uur sluiten de deuren van de bus en verlaten we het mandaatgebied. Vanaf morgen worden we vakantieganger, op zoek naar de andere mooie kanten van het land.

Groepsfoto met Speedy

woensdag 21 oktober 2009

Weerzien met Libanon 2009

Dag 4, stilstaan bij zij die hier bleven
De vierde dag begon met een bezoek aan het voormalige Charlie-gebied. Twee posten stonden op het programma: 7-17 (Al Mansouri) en 7-4 (Maj Dal Zune), de voormalige compagniespost van de Charliecompagnie. Post 7-17 is een van de best bewaarde posten en zelfs na dertig jaar nog bijna oorspronkelijk. Inmiddels is de post weer bewoond. Voor mij persoonlijk was het heel bijzonder dertig jaar na dato met mijn hele gezin op de trappen van deze post te staan. De plek waar zo veel gebeurd is. Later in de bus toont mijn zoon een souvenir die hij gescoord heeft. Eens stukje beton van de muur met de blauwe Nederlandse verf er nog op. Een herinnering voor thuis in de vitrinekast.

Voormalig post 7-17, nog een van de meest authentieke locaties die nog over is.


Na de fotomomenten direct door het dorp naar de plaats waar 7-4 geweest is. Slechts een klein stukje muur herinnert nog aan deze locatie, de rest is allemaal nieuwbouw. Maar het uitzicht over de wadi richting Tyre is nog als vanouds en wonderschoon. Helaas, de berg Hermon met zijn sneeuwtoppen was vandaag niet te zien.
In het Charlie-gebied werd vandaag het Holland Libanon House geopend Dankzij de gulle gave van Maha Zabad is er nu in Buyud (Al Mansouri, op enkele honderden meters van de plaats waar collega De Koning om kwam) een thuishaven voor de Libanongangers gecreëerd. Een geweldig initiatief dat volledig gedragen wordt door Maha Zabad en haar familie. De komende tijd gaan er nog meer initiatieven komen, want de stichting "Weerzien met Libanon" gaat gesteund door de Nederlandse defensieorganisatie de lokale medische hulpvoorziening steunen met overtollig mob-materiaal.



Het Holland Libanon house aangeboden door Maha Zabad.


Begeleidt door kolonel Dick Willemsen, de militair attachee en de Nederlandse ambassadeur in Libanon (Hero de Boer) vertrekken we voor de laatste stop van vandaag naar het UNIFIL-hoofdkwartier in Naqoura. Op emotionele wijze wordt na toespraken van de ambassadeur en de kolonel een kranslegging gedaan bij het UNIFIL-monument. Als bij een temperatuur van 34 graden na de Last Post en twee minuten stilte het Wilhelmus door de Libanese lucht galmt wordt het stil en gaan de koude rillingen door je heen. De emotie staat op alle gezichten. Tevreden en voldaan keren we terug naar Tyre. We kunnen trots zijn op de sporen die we hebben achtergelaten in dit land.


De plechtigheden in het UNIFIL-hoofdkwartier in Naqoura.

dinsdag 20 oktober 2009

Weerzien met Libanon 2009

Dag 3, naar de Paostcie

Vanaf Tyre vertrekken we naar het gebied waar de pantserondersteuningscompagnie (Paostcie) gezeten heeft. Als eerste belanden we in Qana, de stad waar Jezus water in wijn veranderde en Israëlische bombardementen veel verderf gebracht hebben. In Qana herinnert een monument aan deze barre tijden.


Qana, monument voor de doden van de Israelische aanval

Helaas was wegens verbouwingen de toegang tot de tentoonstelling niet mogelijk. Vanuit Qana vervolgen we onze weg naar Rishkenanay alwaar post 7-12 gestaan heeft. Als snel worden we opgemerkt door lokale Hezbollah-leiders en uitgenodigd op de thee (Sjrap sjaaj). Onder genot van de waterpijp ontvang ik binnen enkele minuten het aanbod om mijn 13-jarige zoon aan te melden als nieuwe strijder. Een aanbod dat we maar snel vergeten en weer verder trekken naar de voormalige post 7-9. Aldaar worden we opgevangen door Daisy Mohr van het Algemeen Dagblad. Zij schrijft over onze reis.Terwijl we allemaal in passende kleding worden gestoken voor de ceremonie van morgen, maken we gebruik van deze gelegenheid om een passende foto van de groep te laten maken.

Groepsfoto bij post 7-9

Vervolgens snel weer door naar Jibal al Botom waar post 7-23 ingericht was. De Muchtar die goede banden met de “Ollandi” had, is helaas twee weken gelden overleden. Maar zijn familie ontvangt ons weer met open armen. Thee vloeit in overvloed.Het is tijd om de eindspurt in te zetten als we toch nog in Zibgine op zoek gaan naar 7-7. Een post die niet direct te vinden blijkt te zijn. Een local wordt als gids aangesteld en levert ons bij de voormalige post af. Inmiddels staat er een luxueus nieuwe huis met een familie die uiteraard thee in de aanbieding heeft.

Sjaai

Al snel komen de mooie verhalen over vriendelijke Nederlanders en contactarme Italianen (hun huidige UNIFIL-buren). Die Italianen hadden ons al snel op de korrel, want binnen enkele minuten staat de kampcommandant de Nederlandse groep te woord. Zo veel fotocamera’s in Libanon, dat ruikt naar onraad. Maar na een korte uiteenzetting dat wij oude hap zijn die hier op vakantie is, verandert de toon. Vreemde jongens die Hollanders. Al kauwende op een delicatesse bestaande uit Libanees brood en linzenzaad, spoeden we ons naar de bus. Via de “road under construction”, rechtsaf bij Sharif (7-18) en terug naar Tyre.

maandag 19 oktober 2009

Weerzien met Libanon 2009


Vertrek met hindernissen

Bij nacht en ontij zijn ze uit alle hoeken van het land vertrokken, de groep van dertig veteranen en familieleden die zich hadden aangemeld voor de jubileumreis “Weerzien met Libanon 2009”. Om vijf uur was iedereen paraat aan de OAD-counter in vertrekhal van Schiphol. Van Amsterdam naar Frankfurt, daar overstappen op de vlucht naar Beirut. En net als we uit Frankfurt willen vertrekken komt de onheilspellende mededeling. De linker motor is kapot en we gaan niet. Maar goed, twee uur later is een nieuw toestel klaar voor vertrek en met ruim anderhalf uur aan vertraging duikt Beirut weer op. Het weerzien met de kronkelende kustweg doet de harten sneller slaan, zeker als er weer een gammele Mercedes voorbij spurt. Eenmaal de rivier de Litanie voorbij, zijn we weer thuis. Helaas het wordt al donker en na een uurtje rijden bereiken we de eindbestemming van vandaag, RestHouse Tyr. Gelegen naast Tyr Barracks en aan de Middellandse Zee-kust. ’s Avonds doemen weer de lampjes op die de berghellingen een schilderachtige uitstraling geven. Menigeen herinnert ze nog van de nachten dat we de kust in de gaten hielden als er weer kanonneerboten opdoemden.
De Libanese hap laat harten sneller slaan. De Libanese Mazze gaat er in als koek. Diverse zoete lekkernijen met Matze. Als iedereen genoeg heeft gehad komt het hoofdgerecht, vlees met pizza en frites. Als afronding overheerlijk vers fruit en de alom bekende kleurrijke koekjes. Snel naar bed en vroeg weer op want...

Dag 2 gaat flitsend van start.



Unifil monument in Tyre


Na het ontbijt een kennismakingsronde en direct daarna een kort bezoek aan het Unifil-monument. Nog voor we het goed en wel hebben laten inwerken is er al weer een gastcollege over de situatie met betrekking tot clusterbommen en mijnen. Een gruwelverhaal dat wordt onderbouwd met foto en film. Ondanks de collectieve inspanning is er nog veel werk te verzetten. Flitsbezoeken volgen aan de twee archeologische hoogtepunten van Tyre. Eerst de resten van paleizen uit de tijd van de Finiciers en het Romeinse badhuis. Zo’n 4000 jaar geschiedenis ontvouwt zich voor onze ogen. Dan een snelle spurt naar het Hypodrome waar niet alleen de Romeinen vertier gemaakt hebben, maar later ook de film Ben Hur gedraaid is.
De dag eindigt met een bezoek aan de plantages van de voormalige Libanese ambassadeur in Nederland, Khalil al Khalil. Hij trakteert ons op een heuse barbecue in Libanese stijl en verblijdt alle veteranen met een herinneringsspeld. De sinaasappels die voor het plukken hangen maken weer oude herinneringen los. Zo lekker hebben we ze al lang niet meer gegeten. Als het donker is geworden volgt de terugtocht. De afronding van dag 2 is een feit.


Veteranen te gast bij voormalig Libanees ambassadeur in Nederland

donderdag 27 augustus 2009

Martin Brod

Martin Brod is een klein dorp dat nog net in Bosnië ligt. Rijd je met de fiets over het spoorwegperron waar vroeger zestig treinen per dag langs kwamen en nu nog maar één in de tien dagen, dan heb je grote kans dat je je paspoort moet laten zien aan de grensbewaking. Voor je het dorp binnenrijdt, zie je een kapotte brug. Deze is provisorisch gerepareerd met een Baily brug door de Canadese Militairen die voor ons in dit gebied zaten.

Als je verder het dorp in rijdt, kom je eerst langs een oud-Orthodox klooster waarachter een gigantische forelkwekerij ligt. Het dorp ligt aan de voet van een berg en als je erdoor loopt, hoor je echt overal water stromen. Iedereen in het dorp gebruikt het kristalheldere water wel op de een of andere manier. Bijvoorbeeld om het akkertje te besproeien, het watermolentje te laten draaien of om eigen forelletjes te kweken. Naast dit water staat een restaurantje. Je bent gek als bij het eten water in een fles bestelt. Nee, je schept het water gewoon uit het stroompje wat langs het restaurant loopt. Normaal zou ik dit niet doen, maar ik heb het ook geprobeerd en nergens last van gehad.

Natuurlijk kwam ik daar niet om alleen maar te eten maar ook om even me te ontspannen en te vissen. Ik had snel gezien dat het in de rivier bij het klooster wemelde van de forellen en wist dus niet hoe snel ik mijn waadpak moest aantrekken en mijn 4/5# hengel in orde moest maken. Snel, snel, alsof de vissen allemaal weg zouden zwemmen voordat ik in de rivier zou staan en binnen een mum van tijd haalde ik een klein regenboogfel forel. Hmmm, de klinkhamer is hier succesvol, nog maar eens proberen. En ja hoor, de volgende uitgehongerde forel, de bruine, hing alweer aan mijn kromgebogen haak.

Snel een vliegje klaargemaakt en ingesmeerd met een goedje. De vissen springen van links naar rechts en van voren om de vlieg heen, maar al snel hangt de volgende forel er alweer aan. Heerlijk, gewoon vissen en vangen!!

Door het vissen heb je vaak geen besef van de tijd en omgeving. Inmiddels stond een gezette man van een jaar of zestig aan de kant te gebaren. Hij sprak helaas geen Engels en Duits , maar alleen Kroatisch. Ik begreep ongeveer dat ik hier niet mocht vissen, maar ik heb mijn mobieltje gepakt en mijn tolk gebeld. De man wilde €42,-- voor het vissen in dat stuk van de rivier en €72,-- voor drie dagen. Dat soort bedragen zijn wel erg fors, dus moest ik dus stoppen met vissen.

Achteraf begrijp ik wel waarom er zoveel forel op dit stuk van de rivier zit. De meeste zijn ontsnapt uit de forellenkwekerij. Inmiddels heb ik een Bosnische visvergunning, maar helaas geldt deze vergunning niet voor dat specifieke gedeeldte. Want ook met vergunning werd ik door zijn collega weer naar de kant gestuurd. Toch heb ik geen spijt van de visvergunning, want op andere gedeelten zijn vlagzalmen te vangen. Helaas heb ik voor de vlagzalm verkeerde vliegen mee. De foto is gemaakt van een vliegdoosje van een andere vliegvisser. Vissen is voor mij duidelijk de manier om hier gewoon even lekker te kunnen ontspannen.





















dinsdag 11 augustus 2009

Alweer een maand op uitzending

Voor je het realiseert is het alweer een maand geleden dat ik op Eindhoven afscheid nam. Gaat de tijd nou snel of gebeurt er zoveel op mijn uitzending? Er zijn dagen die heel traag voorbijgaan, maar er zijn ook dagen waarbij je een keer knippert met je ogen en het is voorbij. De eerste twee weken waren werkelijk taaie weken. Veel procedures leren, we moet toch weten wat we moeten doen als er iets gebeurt. Veel lezen dus, allemaal in het Engels, en laat lezen nou niet bepaald mijn hobby zijn. Geen nood, het loopt nu goed en ik heb zowaar af en toe overdag een beetje tijd om me met andere zaken bezig te houden.

We hebben inmiddels ook officieel bezoek gehad van de Chief of Staff van EUFOR (COS EUFOR). Toegegeven ik was een beetje zenuwachtig, maar het ijs was binnen vijf minuten gebroken. Het bezoek is absoluut een successtory geworden. Hoe dat komt? Mijn HID (Hoofd Inwendige Dienst) had ik opdracht gegeven om een nieuwe EUFOR-vlag te laten ophangen. De oude was immers gerafeld. Echter, de HID was van mening dat de COS dat toch niet zou zien. Wedden om een pilsje? Zo gezegd zo gedaan, vlag opgehangen, COS kom aan en de eerste woorden van de COS zijn: “Wat zie het er hier goed uit en wat een mooie vlag hebben jullie hangen”. De hilariteit die volgt verbaast de COS. Natuurlijk snel de voorgeschienis uit de doeken gedaan, waarop ook hij concludeert dat ik de weddenschap gewonnen heb. En het pilsje smaakte goed!

Natuurlijk kan ik jullie wel vertellen wat mijn werkzaamheden inhouden. Mijn werkdagen beginnen om 06.45 uur met een bak koffie en het doornemen van alle e-mail die ’s nachts is binnengekomen. Om acht uur houd ik een teambespreking. Hierin informeren we elkaar over de werkzaamheden en het verwachte weer. Om 09.00 uur gaan de teams op patrouille of hebben een meeting met mensen. In de namiddag komen ze terug om hun verslagen te maken. Deze controleer ik en worden voor 19.00 uur verzonden naar het Regionaal Coördinatie Centrum (RCC). Op zaterdag werken we tot 13.30 uur en vervolgens zijn we zogenoemd lower in operations (LOW-OPS).

In de schaarse vrije tijd probeer ik leuke dingen te doen. Zo zijn we met z’n vieren wezen raften op de Una, een rivier die langs de plaats Bihać stroomt. Er zijn al genoeg mensen die weten dat uitgerekend ik als enige uit de boot ben gevallen en tientallen meters onder de boot in de woeste stroom meegesleurd ben. Van dit avontuur heb ik een leuke video en nee, daarvoor heb ik het echt niet gedaan. De eerste vijf minuten na het gebeuren was ik redelijk pips en stil. En dat is niets voor mij.

Raften op de Una

Verder ben ik in de weekenden veel te vinden in de plaats Martin Brod, het walhalla voor de gerenommeerde vliegvisser. Hierover schrijf ik in de volgende blog meer, omdat dit niet in een alinea kan worden samengevat.

Vissen kan ook in Bosnië-Herzegovina

dinsdag 28 juli 2009

1.400 Kilometer en drie uur verder

Hallo allemaal,

Allereerst natuurlijk hartelijk bedankt voor alle reacties op mijn verhaal. Hier een update van mijn eerste indrukken in Bosnië.

Drie uur en zo’n 1.400 kilomter later landden we op vliegveld Sarajevo en worden we welkom geheten door de collega’s die werken op het hoofdkwartier. Met z’n allen worden we in een vooroorlogse bus gepropt. De bagage kan er niet in, dus daarvoor zijn twee Volkswagens Transporters ingezet. In colonne rijden we naar ons overnachtingadres “Camp Buthmir” en zoals iedere nieuwkomer gaan we langs de diverse lokaties. Ik weet nu waar mijn nachtlegering is, waar mijn EUFOR-ID gemaakt wordt en, niet onbelangrijk, waar de kassier zit die iedereen een voorschot geeft zodat we in het bezit komen van de lokale geldeenheid, de convertible Mark.


Na een kort introductiepraatje worden we weggebracht naar onze nachtlegering, waar we zelf ons bedje opmaken. Wat me opvalt is dat alle besef van tijd weg is. Ik zit op mijn bed en neem even rust. Dat is ook niet gek, ik ben bezweet en moe van alle nieuwe impulsen.

Over nieuwe impulsen gesproken. Ik heb begrepen dat ik me hier bevind in het walhalla voor de shoppende militair, want op het terrein zouden zich belastingvrije winkels bevinden. Zwervend over het terrein kom ik met twee andere collega’s bij dit ‘walhalla’. Gedragende als vrouwen op het hoogtepunt van de uitverkoop storten we naar binnen en kijken verwachtingsvol rond. Over een koude kermis gesproken, wat valt dat tegen! Zijn dit nou de belastingvrije prijzen? Ontgoocheld doden we toch de tijd in deze winkels om vervolgens af te zakken naar de Burger King. We doen ons tegoed aan de meest corpulente hamburger en laven ons met een cherrycoke. Niet wetende dat dat de laatste beschaafde decadente maaltijd is voor de komende tijd.


Eindbestemming Drvar

Na een korte nachtrust worden we wakker door een geluid dat verdacht veel lijkt op regen. En inderdaad, we worden verwelkomt door een stortbui. Gelukkig is de intense hevige bui kort en even later zitten we aan het eerste ontbijt in Bosnië. We eten in een immens grote eetzaal waar 32 nationaliteiten gebruik van maken.

De eetzaal

Na de maaltijd volgen nog een aantal powerpointpresentaties. Het is nog geen tien uur maar iedereen is gaar. Ik voel me ontheemd, wil naar mijn eindbestemming en ben het hangen en reizen zat! Buiten de poort staan vier spiksplinter nieuwe Volkswagens Passat voor ons klaar. Ieder team propt zijn spullen in een veel te kleine kofferbak. De rest van de spullen moet maar op de achterbank. Dat zorgt er wel voor dat het proppen is geblazen, aangezien er naast de babage nog vier personen in moeten.

Bagage proppen in de veel te kleine kofferbak

De rest van de reis wil ik jullie onthouden maar na een lange reis arriveren we laat in de namiddag eindelijk op onze eindbestemming: DRVAR.

Het LOT-huis in Drvar

dinsdag 21 juli 2009

Graag opnieuw uw reactie plaatsen

Vanwege een verkeerde instelling zijn eerder geplaatste reacties niet gepubliceerd. Graag vraag ik u de reacties aan Gerard Verresen opnieuw te publiceren, zodat hij ze ook daadwerkelijk leest. De verkeerde instelling is inmiddels aangepast, zodat reacties direct gepubliceerd worden en niet eerst worden goedgekeurd.

maandag 20 juli 2009

Kapitein Gerard Verresen meldt zich voor de missie EUFOR in Bosnië-Herzegovina

Hallo allemaal,

Op vrijdag 3 juli ben ik vertrokken naar Bosnië-Herzegovina om daar gedurende zes maanden de functie van commandant van het LOT-huis in Drvar te vervullen. Schrijven is niet mijn allersterkste kant, maar omdat ik door familie, vrienden en collega’s in Nederland ondersteund wordt via berichtjes, krabbels, smsjes en andere vormen van communicatie, voel ik me moreel zwaar verplicht om van tijd tot tijd een SITREP (situatie rapport) te schrijven. Ik zou nu al kunnen gaan vertellen dat je hier gek wordt van alle afkortingen, maar laat ik bij het begin beginnen en daar straks op terug komen.

Ja, daar sta je dan ineens op het militaire vliegveld in Eindhoven. Ik meld me netjes met mijn paspoort in de hand, wanneer de eerste verrassing al aangekondigd word. Ik, als hoogste militair in rang, moet de vertrekkende militairen afmelden bij de generaal Hardenbol. Help! Schrik! Weten jullie wel dat ik een hele tijd niet paraat ben? Maar ja, niks aan te doen. Opdracht is opdracht en de hele club moest toch echt afgemeld worden. Tot mijn verbazing ging het nog goed ook.

Maar dan. Zoals bij ieder afscheid komt dan het moment dat je afscheid moet nemen van je naasten, je vrienden en collega’s. En dat moment went nooit. Zelfs de intercom op het vliegveld die aangeeft dat iedereen kan gaan inchecken brengt de menigte niet in beweging. Niemand reageert en grijpt nog de laatste momenten aan voor een knuffel, een kus en wat laatste bemoedigende woorden.


Maar ook in deze situatie geldt het Nederlandse gezegde: als er één schaap over de dam is, volgen er meer. Uiteindelijk gaan er toch wat collega’s schoorvoetend door de vertrekhal naar de incheckbalie, dus ik ook, loslaten, stoer doorlopen en even niet omkijken. Mijn tas is te zwaar, maar die juffrouw achter de incheckbalie is soepel dus het overgewicht (snoep van mijn zus op het allerlaatste moment) mag mee. In de vertrekhal zie ik alle emoties om me heen en allerlei emoties gaan door me heen. Nog even door het raam gedag zeggen. Als ik zie dat ze me niet begrijpen pak ik mijn pen en een papiertje en schrijf de laatste bemoedigende woorden op. Wie ik daarmee moed geef weet ik nog steeds niet, zal wel ergens in het midden blijven. Gelukkig hoeven we niet te lang te blijven wachten, we mogen een half uur eerder vertrekken, de laatste zwaai en tien minuten later hangen we in de lucht.

vrijdag 10 juli 2009

Het slot: Nederlandse Veteranendag, 27 juni 2009

Op de Haagse Alexanderkazerne ging de wekker weer voor vroeg af voor de fietsers. Uitslapen na vier bijzonder pittige fietsetappes was hen nog niet gegund. Er was echter genoeg om vroeg voor op te staan, want de Nederlandse Veteranendag was aangebroken. Een beetje brak na het nachtelijke bezoek aan het Scheveningse strand (op het strand de tocht informeel afsluiten leek wel zo toepasselijk!) klommen de mannen op hun witte Giants die door de onvermoeibare begeleiders weer keurig waren klaargezet. In het ochtendzonnetje door het Haagse bos en over een al erg bedrijvig Malieveld, waar om acht uur het ontbijt wachtte. Door de koffie gingen de luiken voor de ogen weer langzaam open en geheel wakker reed het team naar de Grote Kerk in de Haagse binnenstad. Hier stonden al oud-strijders van de Irenebrigade, actief dienende fuseliers, media-vertegenwoordigers en tal van civiele en militaire autoriteiten. Met een plechtige ceremonie en warme woorden van generaal b.d. Hemmes en burgemeester Van Aartsen was de kop van de veteranendag er stijlvol af. Nog even wat rondjes fietsen rond de kerk zodat de cameramensen mooie filmbeelden konden schieten en toen weer terug naar onze stand op het Malieveld.














Toespraak van generaal b.d. Hemmes bij de Grote Kerk.

De stand op het Malieveld was niet groot, maar doordat onze vertrouwde fietsbus van Rijwilepaleis Bilthoven er uiteindelijk toch bij mocht staan, was het wel een knusse en herkenbare plek voor familieleden en de vele belangstellenden. Leden van het fietsteam ontvingen daar enorm veel enthousiaste en positieve reacties voor wat zij die week uit respect voor de oud-strijders van Irenebrigade hadden gedaan. Terwijl mecanicien Wijnand van der Ent vlak voor het defilé een laatste controlerende blik op de fietsen wierp, was het om half één verzamelen.

Het defilé was voor het fietsteam een prachtige ervaring. Vele toeschouwers lieten in woord blijken dat ze het fietsteam die week hadden gevolgd en toonden met de handen hun waardering. Op de Kneuterdijk werd de rug gerecht en het hoofd naar rechts gericht en stuurden de fietsers trots hun carbonnen rossen voor de kroonprins, ministers en andere hoogwaardigheidsbekleders langs. Partners, kinderen en kleinkinderen langs de route lieten zich ondertussen verbaal niet onbetuigd.

Nog flink nagenietend van het warme bad werd het Malieveld weer bereikt. Terwijl de begeleiders, en met name Wijnand van der Ent en Willem van Lieshout, zich in het zweet werkten om pedalen van de fietsen te demonteren en andere onderdelen te verwisselen (de fietsen moesten weer worden ingeleverd), vermaakten de fietsers zich rond het terras naast de fietsstand. Daar ontvingen zij onder andere de kroonprins, de minister-president en de CDS, die zich alle drie erg enthousiast over de historische fietstocht uitlieten.
















De kroonprins in gesprek met Tom van Mierlo.


Ondertussen begon de vermoeidheid toch wel toe te slaan en vanaf een uur of vier begonnen er teamleden te vertrekken, al dan niet onder de arm van hun geliefde. Om kwart over zes trokken Gerard Verresen en ondergetekende als organisatoren van de tocht de deur van de stand dicht. Het zat er op en het was meer dan goed geweest. Voor herhaling vatbaar!


Martin Elands & Gerard Verresen

zondag 28 juni 2009

4e etappe: Oirschot – Den Haag (177 km)

Na een goeie nachtrust op de kazerne in Oirschot en een stevig ontbijt wachtte het fietsteam een hele bijzondere, maar ook drukke dag. In het spoor van de Irenebrigade stonden herdenkingen, ontvangsten en ook nog wat fietsen op het programma. De laatste etappe en geen vuiltje aan de lucht. Toch zou het team het spoor nog bijna volledig bijster raken. Zover was het in de vroege morgen nog niet. Even een mooie groepsfoto bij het borstbeeld van De Ruyter van Steveninck en op de prachtige Giant-fietsen richting Tilburg. Veel veteranen schoven nog wat ongemakkelijk over het zadel door gevoelige billen en stijve spieren. Met voor het eerste sinds ruim 600 kilometer het windje mee was het zaak om lekker warm te rijden. Na dertig kilometer bereikten zij Tilburg, waar onder leiding van de nieuwe directeur van het Veteraneninstituut, kapitein ter zee Frank Marcus, een stijlvolle herdenking plaatshad. De loco-burgemeester sprak de toehorenden warme woorden toe en generaal Hemmes vertelde over het aandeel van de Irenebrigade in de bevrijding van Tilburg.


Kranslegging in Tilburg

Na dit bijzondere moment in Tilburg ging de tocht snel verder naar Den Bosch, waar het team bij het café van RMWO kapitein Marco Kroon door de ridder zelf, zijn partner en een wethouder van de gemeente werd ontvangen. Het werd een warm en gezellig onthaal, waarbij het fietsteam Marco Kroon een met zweet, zout en stof doordrenkt fietsshirt kado gaf dat van Normandië tot Oirschot was gedragen.


Voor het cafe van Marco Kroon met alle meefietsende mariniers

Na heerlijke Bossche bollen onder politiebegeleiding naar Hedel, waar onder andere de burgemeester, oud-strijders en een schoolklas van basisschool De Zaaier al bij het monument stond te wachten. Kapitein ter zee Frank Marcus leidde ook deze bijeenkomst die door gloedvolle toespraken van oud-strijder Van der Meeren en burgemeester Boersma wederom waardig verliep.

Na een uitgebreide lunchpauze in Hedel, gingen de sturen richting Schoonhoven. Dwars door het prachtige rivierlandschap genoten de fietsers nog na van alle ontvangsten en herdenkingen. Even het pontje over en de mannen reden bijna recht in de armen van de burgervader die juist de lokale veteranendag in Schoonhoven wilde openen. Na fraaie en inhoudvolle toespraken van de burgemeester en oud-strijder generaal-majoor b.d. Hemmes nog even op de foto voor de plaatselijke krant. De stemming zat er goed in. Nog 45 kilometer de kortste route naar Den Haag. Wel was door tijdverlies in Hedel en Schoonhoven het geplande bezoek aan de lokale veteranendag in Leidschendam-Voorburg afgezegd. Het einde kwam steeds scherper in zicht, maar raakte weer in mist verhuld toen we onder Haastrecht voor de verkeerde route kozen. Het team werd, wellicht door de aanwezigheid van vier oud-mariniers, als door een onzichtbare hand richting Rotterdam getrokken. Het werd fietsen, zoeken, discussiëren, fietsen, zoeken, boos worden, fietsen, zoeken en bijna in de slappe lach raken omdat we nota bene in het bekende Nederland het spoor van de Irenebrigade bijster raakten.

Uiteindelijk zocht en vond het team zijn weg in de drukkende warmte. Veel later dan gepland arriveerde de nu toch behoorlijk vermoeide en oververhitte mannen iets na achten op de Van Alkemadelaan. Even netjes in de rij fietsen en onder luid gejuich en onder het oog van de camera’s van de AVDD reden de veteranen, militairen en begeleiders de poort van de Alexanderkazerne binnen. Het zat er goeddeels op. Na het succes op de Scheveningse boulevard nog even gepast te hebben gevierd, doken de heren in het mandje en droomden (kort) van een gezellige en geslaagde Nederlandse Veteranendag!

Ergens tussen Normandië en Den Haag, juni 2009
De fietstocht in het spoor van de Prinses Irenebrigade kan naast de fietshelden niet plaatsvinden zonder een goed werkend logistiek apparaat. Hierbij dient in eerste instantie gedacht te worden aan de voorbereidende werkzaamheden van Martin Elands en Gerard Verresen. In aanloop naar de fietstocht diende een route uitgezet te worden die zowel de historie recht aan zou doen alsmede een verantwoorde uitdaging zou zijn voor de deelnemende fietsvrijwilligers, die zich al dan niet vrijwillig gedwongen hadden aangemeld. Hiertoe werd in april door Martin en Gerard, daarbij ondersteunt door Wijnand van der Ent, het parcours verkend en een prachtige, uitdagende maar geschiedkundig getrouwe fietsroute geplot.

Op 22 juni vertrokken de dappere wielfietsers, anderen noemen hen gewoon knettergek, vanaf het Veteraneninstituut met de bus naar het startpunt te Normandië nabij Arromanches. Na een reis zonder problemen, arriveerde het gezelschap gezond van lijf en leden bij het hotel op enkele kilometers van de vertrekplaats. Nog in het bezit van een pijnvrij en ongehavend achterwerk. In het vroege ochtendgloren van de 23e juni vond na een bijzondere toespraak van Kolonel bd Herbrink, één der oud-strijders van de Prinses Irenebrigade en actief tijdens de invasie op Normandië, de start van de fietstocht Normandië – Den Haag plaats.

Tot zover alles piece of koekie. De wielerhelden trokken ten strijde naar de diverse cols die ze voor de kiezen zouden krijgen, al waren er wielfietsers die dachten dat de etappes vlak zouden verlopen tot aan Den Haag. Maar daarover later meer.

Het logistieke team stak even snel de kalende kopjes bij elkaar en er vond een afstemming van de diverse taken plaats. Willem van Lieshout werd als ploegleider aangewezen, na een negatief voor hem uitgevallen stemming voor schoonheidskoningin.


Willem van Lieshout

De keuze als ploegleider vindt zijn basis in het gegeven dat Willem een niet weg te denken belangrijke plaats inneemt bij het Militaire Wielrijders Team. Na een hertelling van de stemming in verband met de afwijzing als schoonheidskoningin heeft Willem zijn toebedeelde taak als een man geaccepteerd en met meer dan verve uitgeoefend. Daarnaast is gebleken dat in hem nog diverse, nu niet meer zo, verborgen talenten schuilgaan. Hierbij valt te denken aan reparateur van tweewielers en de daarop zich neder gevleide acteurs door middel van massages op plekken waar het zonlicht niet altijd schijnt.

Robert Witsen werd, zonder hertelling, benoemd tot de leider van de paparazzi in de diverse volgwagens. Uitgerust met een fotocamera met teletoeterlens reed hij in het kielzog van de hoofdrolspelers mee.


Robert Witsen

Bij de ceremoniële plichtplegingen heeft Rob de gebeurtenissen met professionele steady hand op de gevoelige plaat vastgelegd. Dit laatste werd door menigeen als onbegrijpelijk ervaren en een dopingtest is dan ook aangevraagd.

Natuurlijk moest na de afwijzing van Willem als schoonheidskoningin, en na de hertelling, de tiara nog op het mooiste koppie van het hele stel geplaatst worden. Overigens wilde Gerard Verresen ook meedingen naar deze prijs. Na een indringend gesprek waarbij fors op hem is ingepraat, is uiteindelijk met enige fysieke overredingskracht de tiara onbeschadigd op de prachtige haardos van Charlene Cloo geplaatst. Naast mooi zitten en de tanden bloot lachen, is zij onder andere verantwoordelijk voor communicatie tussen de diverse media (NOS, Telegraaf, CNN, NBC etc.) en een uitverkoren fietser en tevens voor het plaatsen van foto’s en artikelen op onder andere deze website van het Veteraneninstituut.


Charlene Cloo

Last but zeker not least dient de fourageerwagen annex , wielfietsenstalling, apotheek, ‘omloop’ en andere prachtige scrabblewoorden met hoog punten aantal op 3 maal woordwaarde wagen, genoemd te worden. Dit door Rijwielpaleis Bilthoven aangeboden voertuig wordt bestuurd door de reeds eerder genoemde Wijnand van der Ent. Misschien dat de meeste lof wel naar hem dient uit te gaan. Hij heeft als vrijwilliger, die dit initiatief met overgave ondersteunde, eigen verlofdagen opgenomen en is naast chauffeur van het genoemde voertuig werkzaam als fietsenhersteller, fourageur en inkoper.

Wijnand van der Ent

Nadat de fietsers vanaf punt A vertrokken zijn op weg naar punt B, gaat Wijnand, meestal in gezelschap van zijn voertuig, op weg naar een supermarkt om voorraden in te slaan voor de jongens om, afhankelijk van het parcours en de gesteldheid van de diverse delen van hun lichaam, hen te voorzien van Coca Cola, boison fraîche et limonade en de onmisbare andere voedingsstoffen en dranken. Na met wat handen- en voetenwerk duidelijk gemaakt te hebben wat benodigd was in de winkels in Frankrijk en met veel geduld de caissière dezelfde variant van hints opgevoerd te hebben, spurtte hij met de gemotoriseerde benenwagen naar het afgesproken fourageerpunt om de wielerhelden op te wachten. Veel respect voor de hoeveelheid werk die Wijnand de afgelopen week heeft verzet, zonder daarbij de andere logistiekelingen tekort te willen doen.

Nadat de lootjes waren getrokken tijdens de vergadering van de logistieke vergadering, restte voor mij het papiertje met medische verzorging. Daar schijnt binnen de fietsgemeente nogal enige twijfel over te bestaan. De groep heeft als geheel gemeend dat ik als bouwvakker of boomzager in de slaapkamer met het megasnurkgeluid de misdaad zou hebben begaan. Dit bevreemdt mij daar ik nergens iets van mee heb gekregen en heerlijk in dromenland schaapjes heb geteld die ik sinds Arromanches op weg naar Den Haag ben tegen gekomen. Maar het is wel eenzaam zou alleen in een tentje buiten het hotel!

O ja, het toch niet zo piece of koekie-verhaal zou ik nog verder toelichten.
Valpartijen, tongen hangend uit de mond en vastlopend in de ketting, rauwe billetjes en spierpijn op plaatsen waarvan men niet eens wist dat men daar spieren had, geven aardig een indruk van de gevolgen van de persoonlijke veldslagen die de deelnemers hebben mogen leveren gedurende de diverse etappes. Het afzien in het spoor van de Prinses Irenebrigade was ook één van de nevendoelstellingen van menig wielfietser al staat de erkenning en de huldegroet aan de dappere strijders van destijds zonder enige concurrentie fier aan kop.

John Hoogervorst
Arts Koninklijke Marine
Van Braam Houckgeestkazerne, Doorn

3e etappe: Hem – Oirschot (253 km)

Na de beproeving van gisteren, zagen de fietsers met angst en beven uit naar de derde en langste etappe. De weervoorspellingen waren in bepaald opzicht erg ongunstig: fikse noordoosten-tegenwind (kracht 5-6) en temperatuur oplopend tot 27-28 graden. Vroeg op dus om in de vaak minder winderige ochtenduren alvast veel kilometers te maken. Na een ontbijtje vertrok het team om 06.45 uur. Eerst even fout gereden, maar al snel zat de snelheid er goed in. De wind viel erg mee, de heuvels waren goed te doen en met de volgauto voorop hadden we om even na elven de eerste honderd kilometers er op zitten. Zoals altijd was de verzorging en begeleiding onderweg top. De route was iets gewijzigd, waardoor we Waterloo misliepen (niet verkeerd natuurlijk) en Brussel ten noorden passeerden. Net als de Irenebrigade in 1944 raakten we in de buurt van Joris-Winge in de problemen. Een lekke band en verkeerd rijden is echter niets vergeleken met beschoten worden door Duitse Leopards.

Onmisbaar: een goede verzorging

De temperatuur steeg, het tempo daalde en de koers ging verder richting Beringen. Daar werden we met het zout op de kop ontvangen door de schepen van Beringen, de voorzitter van het Comite Bevrijding Beringen, enkele Belgische oud-strijders en natuurlijk oud-strijders van de Irenebrigade: generaal b.d. Hemmes en kolonel b.d. Herbrink. Onze fuselier-fietser (lkol) Marcel Duvekot leidde een prachtige plechtigheid waarbij de generaal en de schepen (hij sprak spitsvondig van een ‘bere-prestatie’ en ‘ontBeringen’) warme woorden tot de Irenebrigade en de fietsers richtten. Na een verfrissing in het gemeentehuis werd het weer tijd om het laatste stukje van 70 km te fietsen.


Kranslegging bij het monument in Beringen

Aan de grens verraste de vrouw van een van de veteranen (Tom van Mierlo) ons met heerlijke vlaai. Het passeren van de grens werd verder gevierd met een bruin biertje, een bekend fietsersrecept. In Veldhoven werd de woning van een andere veteraan aangedaan (gele trui-drager Chris Scheepers) voor een bak koffie (of een biertje), waarna de laatste kilometers naar de De Ruyter van Steveninckkazerne voerden.


Tom van Mierlo en geletruidrager Chris Scheepers

Hier wachtte een warm onthaal door het 17e en opnieuw de generaal Hemmes die een prachtige toespraak hield en de fietsers een boek vol ervaringen van oud-strijders van de Irenebrigade kado deed. Het droeg de passende titel ‘Ik zou opnieuw zo gek zijn’. De generaal wenste ons dat ook toe, wanneer we later aan de fietstocht zouden denken. Een overdadige Chinese maaltijd slokte de laatste reserves op. De kilometerteller stond op 253 kilometer. Morgen de laatste etappe. Het belooft een bijzondere dag te worden.


Elk teamlid ontving uit handen van generaal Hemmes
een boek over de Irenebrigade

donderdag 25 juni 2009

2e etappe: Forges les Eaux – Hem (186 km)

In 1944 was dit deel van het traject voor de Irenebrigade het gemakkelijkste deel van de opmarsroute. Na de gevechten in Normandië verplaatste de brigade zich destijds in grote snelheid door Noord-Frankrijk en België, waar ze uiteindelijk weer bij gevechten betrokken raakte. Voor het fietsteam dat zich in het spoor van de Irenebrigade verplaatst, was dit deel van de opmarsroute wellicht het zwaarste deel van hun lange reis. Na een voorspoedig begin van de etappe vanuit Forges les Eaux door prachtig Frans heuvellandschap richting Picardië begon de noordoostenwind al wat aan te trekken. De heuveltjes werden ondanks de wat stijvere spieren nog redelijk soepel genomen.

Rond het middaguur nam de tegenwind echter toe tot windkracht 5-6. De veteranen en militairen kregen steeds minder oog voor het fraaie landschap en kropen dicht bij elkaar in elkanders wiel. De perfecte verzorging hield hen op de been. Richting Lens werden de vlagen zelfs af en toe stormachtig. Het tempo zakte en het zuurgehalte in de benen steeg. Ploeterend tegen de wind in – en met fikse achterstand op het schema – bereikten de fietsers na 135 km het Memorial Canadiène bij Foret de Vimy: een indrukwekkende herinnering aan Canadese gevallenen tijdens een beroemde veldslag uit de Eerste Wereldoorlog. Met op de achtergrond het imposante monument van 20 meter hoog, begon de slotfase van de etappe. De begeleiders deden hun best het moreel van de vermoeide fietsers hoog te houden en dat lukte ze zelfs nog aardig.

Vanaf de stad Lens besloot ploegleider Willem van Lieshout zijn auto voor de groep te laten rijden, deels om de lastige route aan te geven en deels om wat wind op te vangen. Hierdoor wisten de mannen zich naar de finish te slepen. En ze waren nog niet gearriveerd in Hem of ze kregen al weer praatjes. Twee dagen tegenwind, indrukwekkende momenten, prachtig landschap, afzien, humor en gezelligheid hebben de fietsers tot een hechte groep gesmeed. Veteranen en militairen, jong en oud, van Nieuw-Guinea tot Afghanistan slepen elkaar er doorheen en besluiten de etappes steevast met een utgebreide maaltijd en een goede pot bier.

Morgen staat de derde en langste etappe met de herdenking in Beringen en aankomst bij het garderegiment in Oirschot op het programma. Om 5.15 uur gaat de wekker. 6 uur is het ontbijt en het vertrek moet voor zevenen plaatsvinden. De voorspellingen wijzen namelijk weer op een hele zware dag. Pal tegenwind, kracht 5-7, zo meldde ons de meteorologische dienst van de luchtmacht. Fietsen in het spoor van de Irenebrigade is waarlijk geen sinecure!

Martin Elands

woensdag 24 juni 2009

1e Etappe: Arromanches sur Mer – Forges les Eaux (198 km)

De kop is er af. De eerste etappe zit er op. Het was een dag vol hoogtepunten en bijzondere momenten. ’s Ochtends tijdens een goed Frans ontbijt, was het eerst media-tijd. Om 7.15 uur belde Ruud de Wild (Q-music) met de oud-strijders kolonel b.d. Herbrink die destijds de landing in Normandië heeft meegemaakt. Volgens horen zeggen verliep dit interview prima en kon de kolonel zijn verhaal goed kwijt, zo ook zijn oproep aan de luisteraars om toch vooral naar de Nederlandse Veteranendag te komen. Ondertussen werd Martin Elands geïnterviewd door de Wereldomroep. Na het ontbijt vertrok de karavaan naar Arromanches sur Mer, naar de prachtige baai met restanten van de kunstmatige havens waar de gevechtsgroepen van de Irenebrigade op 7 augustus 1944 aan land kwam. De cameraploeg van de AVDD maakte opnamen, er werden fraaie groepsfoto’s geschoten en kolonel Herbrink hield een boeiend betoog over de landing in 1944. Hij gaf de fietsers als advies mee toch vooral als team te opereren, zoals zij dat destijds ook deden. Het gaat, zo stelde hij, niet om de kwaliteit van de man, maar om de kwaliteit van de groep als geheel!


Interview oud-strijder aan kust Normandië

Het vertrek van onder een metershoog Mariabeeld voltrok zich onder een blauwe hemel en een stralende zon. Het team peddelde in rustig tempo langs de Normandische kust en werd ondertussen regelmatig bevoorraad door het begeleidingsteam, terwijl ook kapitein Hoeberichts van het regiment en de oud-strijders regelmatig hun gezicht lieten zien en de fietsers aanmoedigden. Kapitein Hoeberichts had overigens de avond daarvoor voor een bijzonder moment gezorgd door zijn vriendin op het landingsstrand ten huwelijk te vragen (een soort D-Day). Ik geloof dat ze ‘ja ‘ heeft gezegd.


Saluerend bij monument Pont-Audemer

Na een voorspoedig verlopen eerste honderd kilometer, arriveerde het fietsteam in Pont-Audemer, waar de oud-strijders, kapitein Hoeberichts, het begeleidingsteam en de burgemeester van deze door de Irenebrigade bevrijde stad voor ontvangst gereed stonden bij het monument. Hier vond een stijlvolle herdenking plaats, waarbij kolonel Herbrink en de burgemeester van Pont-Audemer toespraken hielden de zowel de oud-strijders als de gemeente Pont-Audemer een krans bij het monument legden. Op zijn Frans werd de plechtigheid informeel afgesloten met een glas champagne die buiten op een mooi gedekte tafel klaar stond.


Op de fiets verder door het Franse landschap

Na de herdenking reisden de filmploeg van de AVDD, die veel mooie opnamen hebben gemaakt, en de oud-strijders met kapitein Hoeberichts terug naar Nederland. De fietsers klommen de stad uit en reden door het fraaie landschap oostwaarts naar Rouen. Zij lieten zich niet uit het veld slaan door tegenwind, een massale valpartij (vier man), kleinere valpartijtjes en diverse pittige klimmen. Via het prachtige Rouen werd opnieuw geklommen en braken de laatste veertig kilometers aan. Diverse fietsers begonnen nu wel aardig af te zien, maar de sterken hielpen de mindere fietsers. Laatstgenoemden werden uit de wind gehouden en kregen soms bergop een duwtje in de rug. De teamgeest groeide met de kilometer. Na ruim 198 kilometer bereikten zij tot veler opluchting rond 19.00 uur na een lange dag vol zweet het luxe kuuroord Forges les Eaux. Dankzij de begeleiders (ploegleider Willem van Lieshout, militair arts John Hoogervorst, media-man Robert Witsen en mecanicien Wijnand van der Ent) en de inzet van sterke fietsers als Jos Geelen, Huub van Weersch, Tom van Mierlo en Chris Scheepers haalde iedereen de eindstreep, ook de licht gewonden (Gerard Huinink en de jarige Paul Koper). De dag werd uitgeproost en uitgegeten in een fantastische pizzeria. Er lijkt in het teams iets heel moois te groeien. Of dat zo is, zullen de komende dagen leren!

Martin Elands